Show/Hide Toolbars

Nextens Vpb 2018

Navigatie: Onderdeel Fiscale eenheid

Fiscale eenheid

Scroll Vorig Top Volgend Meer

Het maken van een elektronische aangifte van een fiscale eenheid is een uitgebreid en complex proces. In het onderdeel Fiscale eenheid zet u alleen de bestanden klaar voor de onderdelen van de fiscale eenheid (moeder en dochters) en beantwoordt u een aantal algemene vragen. De overige gegevens van moeder, dochters en consolidatie vult u in andere delen van het programma in, met name in het onderdeel Jaarstukken.

 

Zie voor meer algemene informatie en de relevante wettelijke bepalingen over de fiscale eenheid, De VPB Almanak Deel 1, 43.1. Een uiteenzetting over het verbreken van de fiscale eenheid staat in 43.3 van dit deel.

 

Let op!

Vanaf 2011 wordt van de moeder en de dochters in de fiscale eenheid alleen de kolom commercieel verzonden.
 
Let op!
Per 1 januari 2013 is het bezitsvereiste gewijzigd. Een moedermaatschappij van een fiscale eenheid moet tevens 95% van de statutaire stemrechten bezitten als vereiste voor een fiscale eenheid.

 

Algemeen

Klaarzetten voor fiscale eenheid

Vragen met betrekking tot de fiscale eenheid

 

Bij het onderdeel Jaarstukken:

Invullen van de jaarrekeningen van moedermaatschappij en dochters

Eliminatie via exclusie

Eliminatie op centraal niveau

Zelf invullen van geconsolideerde balans en winst- en verliesrekening

Alleen commerciële cijfers invullen ook mogelijk

Afdrukken voor de onderdelen van de fiscale eenheid

Voegingen en ontvoegingen

 

Zie ook de algemene informatie over Winstaangifte en Aangifte VpB bij BV´s die deelnemen in een samenwerkingsverband (maar geen deel uitmaken van een fiscale eenheid).

 

Algemeen

Bij een fiscale eenheid dienen zowel de geconsolideerde gegevens als de balansen en resultatenrekeningen van de moedermaatschappij én de dochtermaatschappijen te worden ingezonden. In dit aangifteprogramma is gekozen voor een geautomatiseerde wijze van verwerken.

Als u in het programma kiest voor het maken van een aangifte voor een fiscale eenheid (zie hierna), worden voor de moedermaatschappij en de dochtermaatschappijen aparte jaarrekeningen klaargezet. De geconsolideerde jaarrekening wordt vervolgens samengesteld vanuit de gegevens die zijn ingevuld bij de moedermaatschappij en de dochters, waarbij rekening wordt gehouden met de exclusies die u hebt gemarkeerd.

In de geconsolideerde aangifte kunt u vervolgensnog nadere correcties aanbrengen. Verder vult u in de geconsolideerde aangifte de overige onderdelen van de aangifte in, zoals de ja/nee vragen (Opgaaf), de bijlagen aandeelhouders, investeringsaftrek, aftrek elders belast, enz.

 

Klaarzetten voor fiscale eenheid

Vink het hokje Maak aangiftebestanden voor fiscale eenheid aan. Hiermee worden (na bevestiging door de gebruiker) de gegevens van de geconsolideerde jaarrekening geschoond. In beginsel wordt het jaarstuk van de consolidatie samengesteld uit de gegevens die in de jaarstukken van de delen van de fiscale eenheid worden ingevuld (zie hierna voor verschillende manieren om onderlinge resultaten te elimineren). U kunt er echter ook voor kiezen hier geen gebruik van te maken en het jaarstuk van de consolidatie zelf invullen. In dat geval kiest u voor Tellingen vanuit dochters uitschakelen bij consolidatie.
Via de knop Nieuw voegt u dochtermaatschappijen toe.
De naam van de moeder en de activiteiten kunt u bij jaarstukken invullen. Het fiscaal nummer van de moeder wordt overgenomen uit de bedrijfsgegevens.

 

Vragen met betrekking tot de fiscale eenheid

Als u hebt gekozen voor het invullen van een aangifte voor een fiscale eenheid dienen ook de vragen van de volgende schermen te worden ingevuld. Er is geen tekstspecificatie meer nodig.

Als er een voeging of ontvoeging heeft plaatsgevonden kunt u dat verder specificeren in het onderdeel Jaarstukken. Kies bij Jaarstukken/Gegevens jaarstuk daarvoor eerst het jaarstuk van de gevoegde/ontvoegde dochter, markeer gevoegd of ontvoegd en blader dan naar de volgende schermen.

De vragen in dit onderdeel hebben specifiek betrekking op de fiscale eenheid. Zie voor de overige algemene vragen het onderdeel Opgaaf. Raadpleeg ook de VPB Almanak  Deel 1, 43.

 

Bij vraag 2a, b en c, voeging, ontvoeging, ontbinden

De fiscale eenheid eindigt zodra niet meer wordt voldaan aan de voorwaarden van een fiscale eenheid, of als u daarom heeft verzocht. Bij voegingen, ontvoegingen en ontbindingen in de loop van het boekjaar is er een speciale invulinstructie voor de bijbehorende jaarstukken en extra specificaties op scherm 2 t/m 5 van de jaarstukken. Deze schermen zijn pas toegankelijk als u op het eerste scherm van jaarstukken de gevoegde/ontvoegde/ontbonden dochter kiest en het juiste vakje aanklikt.

 

Bij vraag 2d verrekening van verliezen na ontvoeging

De verliezen die aan de dochtermaatschappij kunnen worden toegerekend en die geleden zijn tijdens de fiscale eenheid, kunnen op verzoek worden verrekend met de belastbare winsten die na het tijdstip van ontvoeging zijn genoten. Dit is niet altijd mogelijk. Bij een overdracht van vermogensbestanddelen aan de te ontvoegen dochtermaatschappij tijdens het bestaan van de fiscale eenheid, is het mogelijk dat deze verliezen niet voor verliesverrekening bij de dochtermaatschappij in aanmerking komen.

 

Let op!

U kunt dit verzoek doen bij de aangifte over het laatste boekjaar dat de dochtermaatschappij deel uitmaakt van de fiscale eenheid.

 

Bij vraag 2e in stand laten bij juridische splitsing

Als de dochtermaatschappij die behoort tot een fiscale eenheid bij een juridische splitsing ophoudt te bestaan, eindigt voor die maatschappij de fiscale eenheid. Als de verkrijgende rechtspersoon in de fiscale eenheid wordt opgenomen, wordt op verzoek de fiscale eenheid met de verdwijnende rechtspersoon geacht niet te zijn verbroken (zie artikel 17 van het Besluit fiscale eenheid 2003).

 

Bij vraag 2f verliezen

De fiscale-eenheidsverliezen die toe te rekenen zijn aan de gesplitste dochtermaatschappij, kunnen worden meegegeven aan de verkrijgende rechtspersoon. Dit geldt echter alleen voor zover deze de activiteiten van de gesplitste dochtermaatschappij heeft voortgezet, en voor zover wordt voldaan aan nader door de inspecteur te stellen voorwaarden (zie artikel 17, lid 3 van het Besluit fiscale eenheid 2003). De Belastingdienst beslist met een beschikking over dit verzoek.

 

Let op!

U kunt dit verzoek doen bij de aangifte over het laatste boekjaar dat de dochtermaatschappij/verkrijgende rechtspersoon deel uitmaakt van de fiscale eenheid.

 

Bij vraag 2g in stand laten bij fusie

Als een dochtermaatschappij die behoort tot een fiscale eenheid door een juridische fusie ophoudt te bestaan, eindigt ten aanzien van deze maatschappij de desbetreffende fiscale eenheid. Maakt de verkrijgende rechtspersoon deel uit van dezelfde fiscale eenheid, dan wordt de fiscale eenheid op verzoek beschouwd als niet-verbroken ten aanzien van de verdwijnende dochtermaatschappij (zie artikel 18 van het Besluit fiscale eenheid 2003).

 

Bij vraag 2h meegeven van verliezen na ontvoeging

De fiscale-eenheidsverliezen die toe te rekenen zijn aan de bij de fusie verdwenen dochtermaatschappij, kunnen worden meegegeven aan de verkrijgende rechtspersoon. Dit geldt echter alleen voorzover deze de activiteiten van de verdwenen dochtermaatschappij heeft voortgezet, en voorzover wordt voldaan aan nader door de inspecteur te stellen voorwaarden (zie artikel 18, lid 3 van het Besluit fiscale eenheid 2003).

De Belastingdienst beslist met een beschikking over dit verzoek.

 

Let op!

U kunt dit verzoek doen bij de aangifte over het laatste boekjaar dat de dochtermaatschappij/verkrijgende rechtspersoon deel uitmaakt van de fiscale eenheid.

 

Bij vraag 2i uitdelingstekorten

Het gaat om het verbreken van een fiscale eenheid tussen maatschappijen die zijn aangemerkt als een fiscale beleggingsinstelling in de zin van artikel 28 Vpb. Vanaf het tijdstip van ontvoeging van een dochtermaatschappij worden de volgende uitdelingstekorten verrekend met de winst van de maatschappij die voor uitdeling beschikbaar is:

– uitdelingstekorten van de dochtermaatschappij voor de aanvang van de fiscale eenheid;

– uitdelingstekorten van de fiscale eenheid die aan deze dochtermaatschappij zijn toe te rekenen.

 

De Belastingdienst beslist met een beschikking over dit verzoek.

 

Het gaat hierbij om uitdelingstekorten die nog niet zijn verrekend (zie artikel 26 van het Besluit fiscale eenheid 2003).

 

Let op!

U kunt dit verzoek doen bij de aangifte over het laatste boekjaar dat de dochtermaatschappij deel uitmaakt van de fiscale eenheid.

 

Let op!

Als u eenmaal heeft gekozen voor het invullen van een aangifte voor een fiscale eenheid (en jaarstukgegevens van moeder en dochters heeft ingevuld) is het niet verstandig om de keuze weer ongedaan te maken (voor noodgevallen opgenomen onder menu Instellingen > Ongedaan maken fiscale eenheid). Alle gegevens van moeder- en dochtermaatschappijen worden daarmee namelijk onherroepelijk gewist.

Let ook op de mogelijkheid met Alt+F7 per onderdeel van de fiscale eenheid totalen te tonen en vanuit dat scherm tussen de onderdelen te wisselen.

 

Invullen van de jaarrekeningen van moedermaatschappij en dochters en consolidatie

U vult de jaarstukken van de onderdelen van de fiscale eenheid én van de consolidatie in het onderdeel Jaarstukken in. Na het aanmaken van de bestanden voor moeder- en dochtermaatschappijen bevat dit onderdeel een bladermechanisme van het ene jaarstuk naar het andere, met als centraal overzicht het jaarstuk van de consolidatie. Bij de moeder en de dochter hoeft u alleen commerciële cijfers in te vullen (meer kan niet worden verzonden).

 

Het invullen gebeurt grotendeels gelijk aan de manier waarop de normale Vpb-aangifte moet worden ingevuld, inclusief de bij het jaarstuk behorende specificaties. De verschillen hebben met name betrekking op de eliminaties die bij consolidatie gelden. Hiervoor biedt dit aangifteprogramma drie mogelijkheden:

1.        Eliminatie via exclusie

2.        Eliminatie op centraal niveau

3.        Zelf invullen van de geconsolideerde balans en winst- en verliesrekening

 

1 Eliminatie via exclusie

De regel met Excl.=Ja wordt wél meegeteld in de jaarrekening van de dochter, maar niet in de jaarrekening van de consolidatie. Dit stelt u in staat om onderlinge resultaten tussen moeder en dochters uit de consolidatie te houden.

Denk ook aan de mogelijkheid om het geconsolideerde bedrag te ‘verhogen’ door in het onderdeel van de fiscale eenheid het ‘hogere’ bedrag in te vullen en een tweede regel met een negatief bedrag met Excl.=Ja te markeren.

 

Voorbeeld

Markeer in ‘Deelnemingen binnenland’ in de moedermaatschappij en in ‘Gestort en opgevraagd kapitaal’ in de dochter een regel met hetzelfde bedrag met Ja. De niet gemarkeerde regels worden dus wel in de consolidatie meegeteld.

 

Niet sluiten consolidatie

Als u aan de passief zijde bij de moeder een ander totaalbedrag elimineert dan aan de actiefzijde van de dochters, dan sluit de geconsolideerde  balans niet meer. Dit kan ook ongemerkt gebeuren als de totaalwaarde van de dochters in de moeder door afronding één of twee euro's afwijkt van de gezamenlijke bedragen binnen de dochters. Meestal wordt dit door een p.m. post in de moeder rechtgetrokken.

Om niet-evenwichtige exclusies op te sporen is in het afdrukmenu eigen dossier de optie Exclusieverslag toegevoegd.

 

2 Eliminatie op centraal niveau

De invulschermen van de geconsolideerde aangifte (het eerste jaarstuk) tonen nu de opgetelde bedragen, maar bieden ook de mogelijkheid om extra regels met correcties toe te voegen.

 

3 Zelf invullen van de geconsolideerde balans en winst- en verliesrekening

Als u geen gebruik wilt maken van de doortelmogelijkheid met exclusie die het programma biedt, kiest u op het scherm Fiscale eenheid voor Tellingen vanuit dochters/moeder uitschakelen bij consolidatie. In het geconsolideerde jaarstuk worden de gegevens van de onderdelen van de fiscale eenheid wel getoond, maar niet samengeteld. U dient het gehele jaarstuk van de consolidatie zelf in te vullen. Deze keuze kunt u aan- of uitzetten.

 

Alleen commerciële cijfers invullen ook mogelijk

De jaarstukken van de onderdelen van de fiscale eenheid vult u net zo in als een gewone Vpb-aangifte. U bent  niet verplicht om de fiscale op- en afwaarderingen in deze jaarstukken op te nemen, alleen de commerciële cijfers worden verzonden (vanaf 2011). De verplichting om fiscale cijfers te verzenden geldt wel voor de geconsolideerde aangifte. Dit gaat automatisch.

 

Afdrukken van de onderdelen van de fiscale eenheid

Als u op het afdrukscherm de optie Jaarstuk (commercieel en fiscaal) selecteert, wordt gevraagd of u ook de jaarstukken van de dochters wilt afdrukken. Op het eerste scherm van Jaarstukken is de mogelijkheid aanwezig om een jaarstuk afzonderlijk af te drukken.

 

Aanvullende informatie is beschikbaar via het icoon   (of druk op Alt+F7) voor winstaangiftespecificaties bij het invullen van de consolidatieaangifte. Het dialoogscherm bevat een menu om het niveau te bepalen: de fiscale eenheid, de moedermaatschappij of een van de dochtermaatschappij(en).

 

Voegingen en ontvoegingen

Voor het doen van elektronische aangiften voor fiscale eenheden stelt de Belastingdienst als eis dat van de fiscale eenheid een geconsolideerde balans per einde boekjaar en een geconsolideerde winst- en verliesrekening over dat boekjaar wordt opgegeven.

Daarnaast dienen de  balansen en winst- en verliesrekeningen van zowel de moedermaatschappij als alle tot de fiscale eenheid behorende dochtermaatschappijen (inclusief de in dat jaar gevoegde en ontvoegde maatschappijen) te worden opgegeven. Hier wordt dus niet de eis gesteld dat  fiscale cijfers worden geleverd, maar het is wel toegestaan.`

Voor de gevoegde en ontvoegde dochters geldt dat over de periode waarin geen deel uit werd gemaakt van de fiscale eenheid apart aangifte moet worden gedaan.

 
Zie voor meer algemene informatie en de relevante wettelijke bepalingen over de fiscale eenheid, de VPB Almanak Deel 1, 43.1. Een uiteenzetting over het verbreken van de fiscale eenheid staat in 43.3 van dit deel.

 

Let op!

In de loop van het boekjaar gevoegde en ontvoegde dochters dienen ook in het onderdeel Deelnemingen te worden opgenomen. Zie ook het tweede scherm van Fiscale Eenheid voor enkele ja/nee vragen.

 

Let op!

Als een dochter binnen het boekjaar gevoegd én ontvoegd wordt, wordt de voeging geacht niet te hebben plaatsgevonden.

 

Voeging

1 Maak bestanden dochter aan

Voeg bij het onderdeel Fiscale Eenheid de dochter toe die in de loop van het jaar is gevoegd.

 

2 Markeer dochter als gevoegd

Kies in het onderdeel Jaarstukken de gevoegde dochter (via het dropdown-menu bovenaan het scherm) en markeer op het eerste scherm de dochter als gevoegd (dit geeft toegang tot het volgende scherm)

 

3 Specificatie voeging dochtermaatschappij

Vul op scherm 2 t/m 5 nog enkele aanvullende gegevens van de nieuw gevoegde dochter in. Een uitgebreide toelichting verschafte de Belastingdienst.

 

4 Jaarstuk gevoegde dochter invullen

Vul de balans in op voegingstijdstip én per einde boekjaar in. Vul ook het resultaat van de gevoegde dochter over de periode van de datum van voeging tot einde boekjaar.

Deze beginbalans wordt bij nu niet doorberekend in de consolidatie en hoeft dus niet via exclusie te worden verwijderd. Hierna is de werking van het programma alsof er geen voeging heeft plaatsgevonden, maar de dochter al deel uitmaakte van de fiscale eenheid. Alle berekeningen gelden dus alsof het een bestaande dochter was, u kunt gebruikmaken van de verschillende exclusiemethodes die het programma biedt.

 

Let op!

Vul de fiscale reserves niet in de dochter in, maar beperk u tot de commerciële cijfers. De beginstand wordt doorgeteld in de fiscale eenheid, wat bij een  gevoegde dochter tot een verkeerde presentatie leidt.

 

5 Wellicht verschil fiscaal beginvermogen moedermaatschappij door voeging

Mogelijk wijkt ook het geconsolideerde beginvermogen van de fiscale eenheid nu af van het eindvermogen van vorig jaar. Dat is het geval als de waarde van de dochter (vorig jaar onder deelnemingen in de moeder) afwijkt van het fiscale beginvermogen van de te voegen dochter. Als zo’n verschil geldt, dient dat tekstueel gespecificeerd te worden (zie Aangifte\Fiscale winst: Als het beginvermogen afwijkt). Bovendien zal de waardesprong moeten worden opgenomen in de beginbalans van de moeder. Zie Aangifte/Fiscale winst

 

6 Bijlage deelnemingen

Vul indien nodig ook de bijlage deelnemingen in. Het programma meldt discrepanties, maar er is geen automatische koppeling.

 

Ontvoeging

1 Maak bestanden dochter aan

Voeg bij het onderdeel Fiscale Eenheid de dochter toe die in de loop van het jaar is ontvoegd.

 

2 Markeer dochter als ontvoegd

Kies in het onderdeel Jaarstukken de ontvoegde dochter (via het dropdown-menu bovenaan het scherm) en markeer op het eerste scherm de dochter als ontvoegd (dit geeft toegang tot een volgend scherm)

 

3 Specificatie ontvoeging of beëindiging fiscale eenheid

Verder dienen in Jaarstukken (op scherm 2 t/m 5, kies daarvoor eerst de ontvoegde dochter) nog enkele aanvullende gegevens van de ontvoegde dochter te worden vermeld.  Een uitgebreide toelichting verschafte de Belastingdienst.

 

4 Jaarstuk ontvoegde dochter invullen

Vul de blans van de ontvoegde dochter in per ontvoegingstijdstip, deze wordt niet doorgeteld in de consolidatie. Vul voor de juiste berekeningen dus ook de beginbalans in. Vul het resultaat van de ontvoegde dochter in over de periode tot de datum van ontvoeging.

 

5 Wellicht verschil fiscaal beginvermogen moedermaatschappij door ontvoeging

Let op: Er kunnen geen consolidatiecorrecties einde boekjaar voor de ontvoegde dochter(s) zijn. Een rechtstreeks door de moeder gehouden dochter komt dan ná het tijdstip van verbreking bij de moedermaatschappij als deelneming op de balans. Commercieel tegen de commerciële waarde. Fiscaal tegen een waarde die in principe gelijk is aan de fiscale boekwaarde van de dochter bij de verbreking. Deze waardes zullen derhalve ook begrepen zijn in de post deelnemingen van de commerciële en fiscale geconsolideerde eindbalans.

 

6  Bijlage deelnemingen

Vul indien nodig ook de bijlage deelnemingen in. Het programma meldt discrepanties, maar er is geen automatische koppeling.

 

Voeging én ontvoeging binnen hetzelfde boekjaar van de fiscale eenheid

Aan de mogelijkheden van voeging en ontvoeging is de situatie toegevoegd waarbij het mogelijk is een voeging en een ontvoeging in één jaar te  hebben. Dit is mogelijk in 2 situaties:

1. bij voeging per 1 januari van een bestaande dochter en ontvoeging in het boekjaar

2. bij voeging in de loop van het boekjaar van een nieuw opgerichte vennootschap die later in het boekjaar van de moeder wordt ontvoegd.

Als u kiest voor zowel voeging als ontvoeging eisen we vanaf Vpb 2018 dat tenminste één datum (voegingsdatum of ontvoegingsdatum) identiek is aan die van de Fiscale Eenheid. Dit is een technische vereiste.

 

 

 

Haal meer uit de help